HOME dag 2 Salau 2011 dag 3 - Cougnets et Cirque d'Anglade dag 4
Salau, 7 September 2011

Hallo Liefje,
Ik kwam hier om te wandelen en wandelen is wat ik hier doe. Na de monsterwandeling van gisteren heb ik het vandaag nog eens dik overgedaan. Vaak kan ik het ontbijt niet zo goed wegkrijgen, althans niet op zo’n vroeg uur, maar daar had ik vanmorgen totaal geen last van. En dat was maar goed ook, want ik wist andermaal niet precies wat ik voor de boeg had.
Er zijn twee wandelingen die elkaar gedeeltelijk overlappen. In de SNP-folder staan ze als wandeling 2 en 3, maar ik vond het een aardig idee om ze te combineren. Anouk maakte me er op opmerkzaam dat de SNP-beschrijving niet helemaal correct is en gaf me de route mee uit de map van de herberg. Ze legde nog iets uit over een hek en een brug waar ik zo en zo langs moest lopen. Handige tips, want op bepaalde punten weet je soms echt niet zeker waar je heen moet wanneer je je slechts op de routebeschrijving verlaat.
Op drie kwart van de ene route zou ik de andere route vervolgen, een goed plan, wat helaas niet tot goede uitvoering kwam. Ik had route 2 op route 3 moeten laten volgen, niet andersom. Andersom betekende dat ik, je raadt het al, na 3 uur opeens weer beneden bij de herberg stond!
Na een korte lunch heb ik, hoewel ik wist dat ik daar wel eens flinke spijt van kon krijgen, toen toch ook maar de andere route nog gelopen. Nu doet alles pijn, zelfs de zon.

De 'Sentier de Decouverte du Cougnets' liep ik als eerste, dit is de route die langs de gesloten wolfraammijn voert. Dit zeg ik eigenlijk al verkeerd (vandaar waarschijnlijk ook mijn vergissing). Beide routes voeren langs de mijn, maar deze route heeft dat als hoofdingrediënt. Direct loopt de weg naar boven en dat blijft zo tot je een uur later, 400 meter hoger, de overblijfselen van de mijn ziet. Nou ja 'ziet', je ziet eigenlijk niks, maar je staat dan wel op een plek met een fantastisch uitzicht. Als ik dacht dat het zwaarste stuk van de wandeling er nu op zat dan had ik het mis. Hier begon het pas echt steil omhoog te gaan. Ik klampte me maar vast aan de wetenschap dat hoe steiler een weg loopt – ik zou nog 300 meter omhoog moeten – hoe sneller het hoogteverschil is overbrugd. Halverwege dit tweede gedeelte kwam ik in de volle zon te lopen. Ik zette mijn rare hoedje weer op, dat hoedje dat alle vogels direct afschrikt. (Ik heb er inderdaad geen één gezien vandaag.)
Enige tijd later meende ik geluiden te horen die ik niet thuis kon brengen. Even twijfelde ik of de geluiden er wel echt waren en niet alleen in mijn hoofd zaten. Bij nadere beluistering bleken ze wel degelijk echt. Het kwam van ergens boven mij, al zag ik nog niets. In een vallei is het vaak lastig te zeggen waar een geluid precies vandaan komt.
Bellen! Bellen en geblaat. Nu kon ik het ook zien. Een enorme kudde schapen werd terug de kooi ingeloodst. Vier mensen en evenzoveel honden floten en blaften van alle kanten om de schapen van punt A naar punt B te leiden. Een mooi gezicht. Het blijft knap hoe die mensen dat voor elkaar krijgen.
Zelf hoopte ik ondertussen dat ik niet in de weg zou lopen van dit spektakel en door mijn aanwezigheid alles in de war zou sturen. Ik hield de pas een beetje in en probeerde rechtsom rond de kudde te geraken. Naar punt A, zeg maar. Dat was niet de goede richting, zag ik even later. Ik had juist naar punt B moeten lopen. Op steile gedeeltes in een open veld zie je vaak het juiste pad niet meer omdat veel mensen voor je allerlei andere paden hebben genomen, gemaakt. De folder nodigde me uit vooral eens bij de authentieke schaapsherdershut te gaan kijken, maar de herders stonden me van op een afstandje aan te kijken, op een rijtje, leunend op het hek van de kooi, en zagen hoe ik eerst de ene kant op was gelopen en nu weer de andere kant op liep. Ik kreeg visioenen van een gringo die een saloon binnenstapt in het Wilde Westen en besloot direct door te lopen. Ik zou ietsje verder wel van het mooie uitzicht gaan genieten.
Dit was het hoogste punt, vanaf nu ging het via de andere kant van de vallei weer naar beneden. Hier wist ik eigenlijk al bijna zeker dat ik niet meer terug zou kunnen komen op het punt van de andere route. De afdaling was een behoorlijke aanslag op mijn rechterknie. Vanzelfsprekend heb je met bergwandelen 'overal' last van, maar mijn knie baarde me enige zorgen. Gisteren had ik al gemerkt dat die soms niet goed meewerkte. Ik hield echter niet de pas in, want langzaam kwam het besluit reeds boven om hierna de tweede wandeling te gaan maken.
Ik heb weinig beesten gezien. Hier en daar stond er weer een koe in de weg, er graasden een paar bokjes maar dat was het wel. Een vlinder ging op mijn hand zitten. Die wilde ik op de foto zetten maar steeds vloog hij weg. Tot 3 maal toe. De vierde keer blijf hij zitten. Een leuk gezicht. (De foto’s volgen nog, Liefje.) Toen ik hem 20 keer op de foto had gezet was het wel genoeg. Daar dacht de vlinder anders over. Die bleef nog geruime tijd meeliften op mijn hand.
Beneden kwam ik Salau van een andere kant binnen dan gisteren. Langs de voormalige mijnwerkerswoningen, lege huizenblokken, geheel verlaten. Een stukje trottoir was volledig groen van de begroeiing omdat er nooit iemand loopt, ook de toeristen niet.
Anouk moest lachen toen ze me aan zag komen. Nu al terug? Ik legde uit wat ik verkeerd had gedaan. Ik heb kort geluncht en stormde daarna de inmiddels bekende heenweg weer naar boven. Tot aan de mijn deed ik het nu zelfs in 3 kwartier. Ik wilde zo snel mogelijk boven zijn. Naar de Cirque d’Anglade. Het steile stuk had ik nu gehad (twee keer zelfs), het nog steilere stuk had ik vanmorgen al gelopen, wat kon me nu nog gebeuren? Geloof het of niet, de 300 meter opwaarts die ik nu voor de boeg had waren nog erger. Lekker erg, dat wel, maar toch erg. En vol losse keien; wat zeg ik, het zijn alleen maar losse keien. Let vooral op de gemzen, was me van te voren gezegd, die zitten aan de overkant van dit gedeelte. Ik heb geen gems gezien maar als ik er eentje was tegengekomen denk ik dat ik al een aardig woordje gems had kunnen praten, met al de geluiden die ik op dat moment maakte.
In de folder stond dat hier nu doorlopen even later beloond zou worden. Dat klopte helemaal. Boven aangekomen op de Cirque d’Anglade genoot ik het mooiste panorama tot nu toe. Schitterend.
Ik zeg 'panorama' en dat is eigenlijk vreemd want als je daar staat kun je niet over bergen uitkijken, je bent juist omringd door bergen. Toch is het zo wijds dat de term 'vergezicht' wel op zijn plaats is. Het 'cirque' is een plateau op 1350 meter hoogte. Het lijkt in eerste instantie rond, iets wat je bij het horen van de naam al vermoedt. Met de enige doorgang achter me keek ik vooruit naar een prachtige waterval recht tegenover me aan de andere kant van het plateau. Onder aan de waterval liepen wat koeien te grazen, de koebellen waren al te horen. Maar ik vergiste me deerlijk, mijn ogen bedrogen me weer eens, iets wat wel vaker gebeurt in de bergen. Ik begon te lopen naar de andere kant, naar de waterval, en hoe langer ik liep hoe verder de waterval leek. Op een gegeven moment had ik de koeien al lang gepasseerd en zag ik dat ik nog niet op de helft was van het plateau. Eenmaal bij de waterval aangekomen heb ik heerlijk gegeten en de benen even wat rust gegund. Ik keek naar de kant waar ik vandaan was gekomen en zag hoe langwerpig het 'cirque' werkelijk is. En de koeien? Die stonden nog steeds te grazen, nauwelijks zichtbaar, helemaal aan het begin.
De terugweg heb ik, dat vind ik zelf ten minste, een beetje gesmokkeld. Er waren 3 mogelijkheden beschreven waarvan ik de makkelijkste heb gekozen: een asfaltweg. Er is veel te zeggen tegen het lopen op asfalt, maar ik verkoos het enige voordeel (gemak voor mijn knie) boven de andere nadelen. Morgen wil ik ten slotte weer een mooie wandeling kunnen maken.
Ik was wederom in 3 uur uit en thuis. Anouk zegt dat ik mijn roeping gemist heb. Ik ben blij dat zij haar roeping niet gemist heeft want ze bracht me zojuist 2 heerlijke Pelforth Brune. En René, die ons gisteren een mals kalkoentje voorschotelde, zal ons straks trakteren op een risotto met ratatouille, ijs toe.
Ik lig er vanavond vroeger in dan gisteren, Liefje. Welterusten.

Back To Top