HOME dag 17 Peru 2010 dag 18 - Kamperen dag 19

We ontbijten lekker vroeg, want we hebben een flinke boottocht te maken. Pas als we helemaal bepakt klaar staan zegt Paul dat er nog helemaal geen boot is. Een boot is een behoorlijk essentieel gebruiksvoorwerp bij het maken van een boottocht. Je kunt wel stellen dat je eigenlijk niet zonder kunt. Wij wachten af.

Hannie pakt een beetje ochtendzon.
De merkwaardige lokroep van de Great Tinamou klinkt over het terrein, langgerekt en met veel galm.

Inmiddels zijn we van lodge verhuisd. Waar we eerst zaten was geen water. We begonnen een beetje te stinken. Bovendien waren er naar onze zin iets te veel kakkerlakken, maar goed, die zitten overal.




Eindelijk onderweg. Veel vogels, Social Flycatcher, White-Capped Cardinal Bird, White Striped Swallow, Scarlet Macaw, Blue and Yellow Macaw, Green Ibis, Snowy Egret, Greater Yellow-Headed Vulture, Cocoi Heron, Harpy Eagle, Amazone Kingfisher, Wood Stork.

Er ligt een kaaiman te zonnen. Heerlijk. Je zou er zo naast gaan liggen. Helaas is daar geen tijd voor. We gaan kamperen, onderdeel van het arrangement van 4 nachten / 5 dagen.

We hebben vandaag niet alleen een privé-gids, maar ook een privé-kapitein, een privé-kok, en een privé-hulp. En ze zetten straks ook nog de tenten voor ons op.

We passeren wat stenen midden in de rivier, ik veer op en wijs naar de vogel die daar zit, maar ik kan niet op de naam komen. Niemand lijkt interesse te hebben, want ze denken dat ik naar de Snowy Egret wijs...

... Maar ik bedoel de vogel daarnaast, kijk daar! Opeens weet ik de naam weer en roep uit: De Amazone Kingfisher! Een prachtig mooi beestje, en een die je niet iedere dag ziet.

Even verderop lag een minder mooi beest, een dode capybara, ’s werelds grootste knaagdier. In dit geval was het de gier die er bovenop stond die het grootste knaagdier ter wereld was. Hij at zijn buikje vol.

Enkele levende capybaras aan de waterkant. Rustige beesten. Totdat ze je zien en als idioten heen en weer en in het water gaan springen.

We melden ons bij de autoriteiten van dit stuk jungle, we zijn ten slotte in een nationaal park. In het kantoortje zien we een verzameling vlinders en een verzameling schedels en botten van kaaimannen en schildpadden.

Hier en daar is de rivier wat ondieper. De rivier verandert continue onder invloed van stroming en in het water gevallen bomen. De jongste bediende met de meetstok.

Aan de oever staan wat mooie gringo trees.

De kampeerplek is sober. De voornaamste reden dat we hier zijn is om morgen in de vroege ochtend een verzameling ara’s te kunnen aanschouwen. Maar los daarvan is het een heel leuk uitje.

Het is nog vroeg in de middag. We laten de camping even voor wat die is en zetten koers naar een dichtbij gelegen eilandje voor een jungletocht. De kapitein pikt ons later weer op. Paul met machete voor het betere kapwerk.





Hoog in de boom zit een stel ara’s. Behalve ook nog een paar aapjes zijn het de enige beesten die we zien.


De avond valt snel. Terug naar de kampeerplek (camping is een te groot woord). De kampeerspullen worden voor iedere trip weer opnieuw heen en weer gesjouwd.

Wat achterblijft zijn slechts de houten keukentafels en tentstokken. De kok bereidt een voedzame maaltijd.

Na de maaltijd koffie toe.

De kok had zelfs nog een fles rode wijn meegenomen. Altijd een goed idee. Toen die op was gingen we slapen... nadat we ook naar het toilet waren geweest.