Vakantie Nepal 2008

ABC - Dovan, 30 september 2008

We slapen een gat in de dag. Pas om 8 uur vertrekken we van MBC, terug naar beneden, terug de vallei in. Het eerste gedeelte van de trek zit er op. Tot aan Chhomrong, dus vandaag en morgen, zullen we veel mensen tegenkomen die nog op de heenweg zijn naar MBC en ABC, er is ten slotte maar 1 weg naartoe. We zien hoe moeilijk ze soms naar boven lopen, zij zien hoe gemakkelijk wij naar beneden lopen. Namaste!
Het is nat, regent het nu wel of niet? Voor de zekerheid trekken we onze poncho's aan.
In Deurali pauzeren we voor thee. Hannie staat in de belangstelling, ze wordt bewonderd door 4 porters. Ze is lang, blond en sexy en wordt in Nepal meer dan gemiddeld aangegaapt. Geen van de porters durft te zeggen dat Hannie's gulp openstaat. Uiteindelijk komt ze er zelf achter.
Ik pak de verrekijker om de bergen af te zoeken naar 'mountain deer'. Na enig speurwerk lokaliseer ik er 2 die zich zo gedeisd houden dat ze samen net een stuk rots lijken. Bij nader inzien blijken ze een stuk rots te zijn.
In Himalaya gebruiken we de lunch. Net als in elk dorpje langs de trek, staat ook hier weer een Trekking Information Board, dat ik met belangstelling bestudeer.

Dovan op Doorreis

Reeds om half 2 arriveren we in Dovan (Dobhan). De trek naar beneden gaat echt een stuk beter dan naar boven. Bovendien hebben we nu al een week ervaring. We hebben de hele middag om wat heen en weer te lummelen, een dutje te doen, en allerlei mensen te begroeten - Namaste! - die op de heen- of terugweg zijn. We zien nieuwe gezichten (verweerde Finnen, stevige stappers uit Noorwegen, kakeltantes uit China) en oude bekenden: de eenzame Serviër komt langs maar gaat vandaag nog door tot Bamboo. Hij heeft vanmorgen op ABC geen enkele berg kunnen zien, sterker nog, hij zag geen hand voor ogen. Wij hebben meer geluk gehad dan hij, maar hij beschouwd zijn trek allerminst als mislukt. Nee, hij wilde hier al jaren heen, kon niemand meekrijgen, zijn 2 zoons wilden niet, zijn vrouw niet, enkele vrienden wilden niet... Maar hij ging liever alleen dan nooit te gaan, en hij heeft geen seconde spijt gehad.
Een groep Nederlanders is nog op de heenweg. Ik hoorde ze al aankomen, dus neem ik met de juiste timing een slok bier en zeg tegen Hannie dat er toch echt niks mis is met zo'n blikje Tuborg. Dit horen ze natuurlijk net als ze langslopen en ze spelen het stukje mee door me zogenaamd aan te vallen voor een slok.

Hannie heeft muziek op haar mp3-speler. Lama I en II willen weten waar ze naar luistert. Snel raken ze in de ban van de westerse klanken. Lama I gaat voor de Talking Heads, Lama II vindt de trance-nummers geweldig. Een mp3-speler is in Nepal een luxe-product wat geen van de heren ooit zelf zou kopen.
Meer mensen passeren. De mensen die nu pas passeren zijn niet de snelsten. En meestal zijn ze bekaf. En meestal zijn ze nog achter op schema ook. Dus bijna altijd moeten ze nog een dorp verder zijn. Ik bestel nog een Tuborg, Hannie neemt een bus Pringles.
Chips worden op deze hoogte niet in zakjes verkocht. De luchtdruk is te laag waardoor de zakjes zouden knappen. We merken zelf nauwelijks iets van de lage luchtdruk. De aansteker doet een beetje vreemd, en af en toe moet je bewust even een paar ademtochten inhalen, maar verder is er weinig anders.
We lopen nu een week samen met onze porter en guide, maar vandaag is de eerste keer dat we wat persoonlijke dingen aan elkaar vertellen. Lama II blijkt geboren te zijn in 2046. Nepal heeft een andere jaartelling, het is nu het jaar 2065. Hij is 19. Deze eerste trek is een vakantiebaantje, want hij studeert nog, maar hij hoopt vaker als porter te worden ingehuurd. Wie weet zal hij het ooit nog tot guide schoppen. Hij verzekert me nogmaals dat onze rugtassen geenszins te zwaar voor hem zijn. En zoals hij - zeker vandaag - zo rap van ons wegliep, geloof ik hem ook.

Bovenin de vlaggenmast hangt - behalve een takje groen - ook een verweerd poppetje. Het lijkt wel voodoo, wat niet wordt tegengesproken. Maar je weet, in Nepal zegt men niet graag nee, dus moet je de antwoorden met een korreltje zout nemen. Ja is relatief. Ik blijf maar liever niet-begrijpend naar het poppetje staren en naar hulplijn I en II.
Khata, wordt me duidelijk gemaakt, the name of the Sherpa. Het is me nog altijd volstrekt onduidelijk wat 'Khata the Sherpa-doll' in de vlaggenmast doet, maar ik knik alsof ik het begrepen heb. Misschien heeft het iets te maken met een behouden reis voor al wie hier passeert.
En ploffen 4 Amerikanen neer. Ze passeren niet. Vooralsnog voor hen geen behouden reis.
De gastvrouw zegent inmiddels stuk voor stuk alle kamers met wierook, evenals de dining hall, de keuken, en het bord waarop de naam van het guesthouse prijkt.
Nog meer mensen arriveren. Dragers eerst, om nieuw bezoek aan te kondigen. Iemand versjouwd een stuk meubilair - even denk ik nog dat het een sjoelbak is - het is een bed dat in een kamer wordt bijgezet. Ze zitten strak volgeboekt. En dat al zo vroeg in het seizoen. 1 van de herbergiers zal vannacht in de dining hall slapen, ook hier zijn ze dat gewoon.

Ik bestel iets heel duurs, chicken curry, het is wel 3 en een halve euro. Tot mijn grote schaamte krijg ik maar de helft op. In Nepal is het, anders dan in Nederland, wel degelijk een zonde om eten te laten staan (al wimpelt de gastvrouw mijn excuses weg). Ik plof en neem ook maar 1 kopje thee toe. Links, rechts en voor ons wordt kaart gespeeld: Ierse, Fins/Amerikaanse en Indiase spellen. We praten vanavond niet zo veel met de andere gasten.
Ik erger me als ik zie dat een Amerikaan met accent, snel pratend een bestelling opgeeft, deze bestelling halverwege aanpast, en boos wordt als zijn gids het zo snel niet helemaal goed heeft opgeschreven. Hij maakt een gebaar alsof de arme man een beetje dom is.
Het gezelschap uit India praat met de gastvrouw, in het Hindi. Het Ierse koppel lijkt op huwelijksreis, ze hebben slechts oog (en meer) voor zichzelf. Wij hangen er maar zo'n beetje tussenin en gaan vroeg slapen.
Hannie kijkt alvast in de SNP Natuurgids om te zien wat er over Chitwan Park wordt geschreven. Het duurt nog een week voordat we daar zijn. Buiten rook ik nog een paar sigaretjes en ik zie weer vele vleermuizen. Lama I komt bij me staan en ik geef hem een sigaret. Het is bijna een vast ritueel geworden. Hij rookt wel, maar niet in het bijzijn van Lama II. Waarschijnlijk wil hij geen slecht voorbeeld geven. Ik vraag hem er nooit naar, maar ik weet dat hij weet dat ik weet dat ik hem geen sigaret moet aanbieden als Lama II in de buurt is.
Dan begint het flink te regenen, zoals bijna iedere avond, en zoek ik de kamer op. Door de vreemde lichtval van de lamp en de positie van de bedden, zie ik niet wat er langs mijn voet loopt. Ik zie wel dat er iets langs mijn voet loopt. Het is groot en het is razendsnel, maar niet snel genoeg voor een kakkerlak. Onder voorbehoud hou ik het daarom op een spin en weiger te gaan slapen voordat de kamer spinvrij is. Hij kruipt in een kier tussen wand en vloer. Voor 1 keer vind ik een spin niet lief en laat hem dat merken. Sorry spin.