HOME deel 3 Canada, deel 4 - Wells Gray Park / Clearwater deel 5
Omdat de zon volop schijnt, en omdat ik nauwelijks kan slapen, ben ik vroeg op en maak opnieuw een ochtendwandeling. Ik ga enigszins van de paden af, stiekem hopend op een ontmoeting met een beer want soms is het leven te gemakkelijk. Helaas geen beren vanochtend. Wel een handvol moeilijk te determineren vogels.
=Huttentocht=

Gids Tessa is de komende 3 dagen geen gids. Voor ons bezoek aan Wells Gray Park neemt Ian het van haar over. Ian heeft hier in het park een paar hutten gebouwd, in de wildernis, jaren geleden, lang voordat dit een 'national park' werd. Hij is zodoende de enige met een vergunning om mensen rond te leiden en gedurende meerdaagse verblijven onderdak te bieden. We krijgen derhalve een uniek kijkje in dit ongerepte gebied.
Mijn uitrusting is niet wat die zou moeten zijn. Ik weet inmiddels dat ik voor Jan Lul een paar gamaschen heb gekocht. Nu blijkt ook dat ik iets anders niet gekocht heb wat ik wel had moeten kopen: een lakenzak. Dat is omdat de functie ervan mij volledig ontging. Ik dacht dat het artikel van nut moest zijn in plaats van een slaapzak, maar het is iets om in een andere slaapzak te stoppen, eentje die niet van jezelf is. Om het even is het veel te warm om in een slaapzak te slapen - en om het even slaap ik toch al niet - maar ik ben blij dat ik er eentje kan lenen van Ian.
Voor deze 3-daagse huttentocht nemen wij beperkte bagage mee: wat schone kleren, een tandenborstel, ik natuurlijk mijn camera, en een heleboel eten. De gidsen in Canada laten ons niet verhongeren.
Bij een hut moet je je een flink exemplaar voorstellen, ter grootte van een huis, gebouwd met zo primitief c.q. natuurlijk mogelijke middelen. Geen luxe, wel functionaliteit. Uiteraard is alles groener dan groen, in figuurlijke zin. Naast de hut is er een toilet dat zo mogelijk nog groener is. Niets wordt hier vervuild en niets gaat hier verloren. De douche is zo groen - een emmer aan een touwtje - dat de meesten van ons het douchen nog maar een dagje of wat uitstellen. Aangaande zorg voor de natuur overtreft Ians strengheid die van Tessa wanneer het gaat om binnen de gebaande paden lopen. Zie je dat plantje daar? We staan op een top van een berg, onder ons een mooi meertje, ten Oosten van ons de Rocky Mountains range, we hebben geen voeten meer over van de klim, we moeten snel bijtanken met water, boterhammen en fruit, en ik sta per ongeluk op een onooglijk klein plantje. Oh deze? Ja die, die is misschien wel 125 jaar oud. Als je ernaast kunt sta, doe dat dan liever. Ik gehoorzaam uiteraard.
Overigens wil ik benadrukken dat als ik over 'paden' spreek, ik dat in de ruimste zin van het woord doe. Vaak is er helemaal geen pad. We lopen gewoon zo goed mogelijk in Ians voetsporen.
An is in de 60 en soms bang dat ze niet zo snel als de anderen loopt. Een illusie, ze loopt even hard. An maakt een dansje boven een afgrond voor een mooie foto. Wij zijn niet eens verbaasd.
Ian was ooit expeditieleider op Mt. Everest. Hij vertelt mooie verhalen over Nepal (waar behalve ik ook W en K zijn geweest) en over zijn vader. Verder geeft hij diverse wijze lessen, onder andere over 'loslaten', wat altijd een uitdaging is als je boven op een berg staat. En hij en ik vinden elkaar op muziekgebied. Ian is nog meer dan ik blijven steken in de 60's en 70's. Over muziek gesproken, W en ik zingen onderweg enkele aardige Cohen-duetten, hopelijk tot genoegen van de groep, maar voor de zekerheid vragen wij dit niet na.
Mijn bagage kies ik slecht, wat extra opvalt als je strikt voor 3 dagen inpakt. Ik heb te veel warme kleding bij me. Helemaal niet nodig. Een shirt of overhemd is genoeg. Anderen pakken zich helemaal in, niet vanwege de temperatuur maar vanwege de enorme hoeveelheid muggen en steekvliegen. Ik heb na een week Canada eigenlijk geen last meer van muggen. Ik smeer geen deet. Ik smeer geen zonnebrandolie. Ik draag alleen een hoedje, als ik die vergeet af te zetten.
De schoenenkeus is bij voorbaat al een verkeerde: gympies. Voor aanvang van de reis zijn ze al kapot, bij elkaar gehouden door lijm die over de datum is. In Canada scheuren ze uit. Maar voor aanvang van de huttentocht verkies ik toch de gympies boven de bergschoenen. Ik loop nu eenmaal liever op evenwicht dan op stevigheid. Met duct tape maak ik er het beste van. En de volgende dag opnieuw. De laatste dag van de huttentocht flipflop ik als Clown Bassie over de bergen. Er liggen nogal wat sneeuwvelden waar wij doorheen baggeren, wat niet bevorderlijk is voor de staat van de schoenen, niet voor de werking van de tape, en al helemaal niet voor de combinatie van die twee. De groep steekt misschien wat op van Ians wijze lessen over 'loslaten', maar mijn schoenen doen het zeker.
=Bomen=

Als er in Nederland een boom omvalt, wordt die de volgende dag in stukken gezaagd en weggetakeld. Hoe anders is dat in Canada. Als hier een boom omvalt, laat men die liggen. De natuur weet beter wat zij met een boom aanmoet dan de mens. Probeer het eens te ontkennen.
Ian vertelt over de verscheidene bossen, en ook over de verschillen daarin. Ik kan niet herhalen wat hij zegt maar wat duidelijk is, is dat een jong bos anders van samenstelling is dan een oud bos. Andere bomen, en daardoor ook andere planten en dieren. Wat hier vooral interessant aan is, is gelegen in het feit dat men hier geen panische angst heeft voor het fenomeen bosbrand. Dat is ten slotte iets wat altijd al heeft bestaan, men name door blikseminslag. De laatste 100 jaar zijn bosbranden te vuur en te zwaard bestreden. Het nadeel hiervan is echter dat er dan nauwelijks nieuwe bossen ontstaan. En dat is nu juist wat essentieel is voor de biodiversiteit. Er is allicht geen reden om bosbranden te creëren maar gecontroleerd uit laten branden is soms verstandiger dan direct te blussen. Ook in dit geval weet de natuur het weer beter dan de mens.
Ian vertelt dat hij in 27 jaar niet zo'n mooi uitzicht heeft gehad over de Rocky Mountains. We boffen maar. Ook vertelt hij dat hij in 27 jaar geen regenboog, laat staan zo'n mooie, op Helmcken Falls heeft gezien. We boffen maar. Het is ongelofelijk warm gedurende de huttentocht, ook al lopen we op hoogte. Nou, zegt Ian, dat kan kloppen, ik kan me niet herinneren dat het zo warm is geweest in de afgelopen 27 jaar. Maar om nou te zeggen dat we daarmee boffen.
De meesten van ons zijn in 27 jaar niet zoveel lekgeprikt door muggen en andere vliegende rommel. Inmiddels ben ik zo ver dat als er 1 of 2 muggen op mijn hand of arm of nek of gezicht zitten, ik niet eens de moeite meer neem ze dood te slaan. Ik wacht tot ik er 4 of 5 bij elkaar zitten om ze met 1 slag alle tegelijk te pakken. Maar zinloos blijft het.

Ian vertelt mooie berenverhalen, zo veel is zeker. Zoals iedereen die hier in de wildernis verkeert, heeft hij wel eens een beer ontmoet. Soms zit hij daar niet op te wachten, die beer bedoel ik, en dan is het oppassen geblazen. Maar Ian kan het allemaal navertellen, wat hij dan ook doet ook, zo smeuïg mogelijk.
Hij laat zijn licht ook schijnen over enkele vogelsoorten. Een vinkje hier, een chikadee daar. En hij vertelt ons wat de 'telephone bird' precies is. We horen al dagen het geluid van deze onbekende vogel, het lijkt op het overgaan van een oude telefoon. De aangeschafte vogelgids noemt het 'haunting'. Maar de vogel zelf, die zien wij niet. Hij is heel schuw, zegt Ian, het is de Varied Thrush (bonte lijster). Wat zou het mooi zijn deze vogel eens te aanschouwen.
=Star Lake Resort 2=

Na afloop van de huttentocht overnachten wij opnieuw aan het meertje op het terein van Star Lake Resort, een nogal aangedikte naam voor... een terrein aan een meertje. Het voordeel is dat ik de volgende ochtend vroeg weer een fijne ochtendwandeling kan maken. Deze keer loop ik een andere kant uit, nog verder van de voorgeschreven paden af om nog meer kans te maken op een ontmoeting met een beer. Er is wederom geen beer. Maar wat hoor en wat zie ik daar? Jawel, het is de Varried Thrush, de 'telephone bird', die schuwe vogel die je altijd hoort maar nooit ziet. Ik zie hem nu en fotografeer hem. De dag kan niet meer stuk. Ik loop terug naar de camping bij het meertje en hoor een nieuw geluid: de fietspomp-vogel. Een nieuw raadsel. Helaas kan ik Ian nu niet meer vragen wat voor een vogel dit is.

Back To Top